zaterdag 4 november 2017

HAMSTERWEKEN



Pappi is weer wat opgekrabbeld na een flinke terugval. Dat hij (winter)voorraden aan wil leggen, zie ik als een goed teken. Appie's Hamsterweken zijn duidelijk via krant en tv doorgedrongen. Op de pers op de eiken salontafel ligt een papiertje met de volgende opsomming: tandpoetsen pasta borstel, steradent, verband, pleisters, paracetamol, zeep, schoen poets, vlees, ijsjes, teiltje. De urgentiegevallen heeft hij aangeduid met oranje kleurpotlood. Ik laat 'm zien dat hij nog voldoende voorraad heeft en dat etenswaar, fris en ijsjes in de keuken beschikbaar zijn. 'Ik heb geen keuken', wijst pappi om zich heen. 'Klopt, er is een grote centrale keuken en een pantry bij de automaat in de gang. Heel handig hoef je die ook niet schoon te houden', praat ik 'm bij. 

De autonome Q. houdt niet van vragen - 'Kinderen die vragen worden overgeslagen' en 'Je vinger opsteken doen kinderen tijdens de lagere-schoolperiode' zijn diepgeworteld. Bovendien heeft hij oorlog(schaarste) meegemaakt. Pappi houdt er het liefst een flinke voorraad op na: voor het gemak (je hoeft niet zo vaak naar de winkel, om altijd iets in huis te hebben voor de zoete inval, en voor de zelfbediening. Als hij weer met het boodschappenlijstje op de proppen komt, maak ik het mezelf en hem gemakkelijk. Ik steek het lijstje in mijn jaszak en roep opgewekt: 'Ik ga voor je hamsterééééén.'

donderdag 2 november 2017

ENGEL


De donkere maanden rondom kerst doen de gedachten aan mijn wijlen moeder opleven. Q. vraagt wanneer mam is gestorven. Komende januari is dat 12 jaar geleden. 'Zo lang al?' Q. kan het niet vatten. 'Noteer je het voor me?' 'Hier - ik reik hem blocnote en pen aan - schrijf het zelf maar op.' Hij schrijft mam en de datum. 'Er moet nog bij komen te staan waarom ik dat opgeschreven heb, anders weet ik straks niet meer waar die datum voor staat.' 'Dan zet je er overleden bij, of een kruisteken', opper ik. 'Dat kan ik niet', verzucht pappi. Ik bied aan overleden erachter te plaatsen. 'Kan je het ook anders omschrijven? Dat woord is zo definitief.' 

Zwaarmoedigheid dreigt de overhand te krijgen in deze conversatie. Ik probeer er een andere draai aan te geven en opper: hemelen, kassiewijle, de pijp uit, achter de regenboog, het tijdelijke voor het eeuwige verruild, opgepot, het loodje gelegd, in eeuwige slaap. Pap neemt het te au serieux: 'Dat is oneerbiedig, dat mag er niet bij.' 'Ik weet het al', temper ik zijn opkomende wrevel: '28 januari 2006. Een engel op aarde werd een engel in de hemel.' Pappi klapt tevreden het schrijfblokje dicht en bergt het op. 

dinsdag 31 oktober 2017

MAANDAG WASDAG


Onderweg in het bos met de hond, pappi belt. De verbinding is slecht en ik geef aan dat ik zodra ik thuis ben terugbel. Bij het openen van de voordeur, hoor ik de telefoon al rinkelen. Ik neem op: 'Moment alstublieft, even de hond, tas en jas stallen.' 'Nog net goedemorgen', zeg ik als ik de handen vrij heb. 'Den Biesen Venlo' klinkt een meer montere stem dan gisteren. Gelijk erachteraan zichzelf corrigerend: 'Nee nee, Tegelen bedoel ik.' Ik: 'Venlo is ook goed, Tegelen is immers gemeente Venlo.' Verdraaid da's waar ook: Tegelen is een hulpdorp van Venlo', redeneert pappi bijdehand, 'maar eh daar bel ik niet voor.' Ik: 'Vertel.' 

Q.: 'Ik dacht dat ik het goed begrepen had. Ik woon in het, nou ja ik weet niet meer hoe het heet, maar het is een soort bejaardenhuis en ik hoef er niet weg.' 'Klopt als een bus', prijs ik hem. Hij bijna met iets triomfantelijks in de stem: 'Ik denk toch dat jij fout zit Pops, want het beddengoed is weg en de andere spullen zullen ze dadelijk ook wel komen halen.' Ik probeer gelijktijdig te luisteren en de situatie te doorgronden: 'Ach schat, het is maandag wasdag vandaag. Ik slik nog net het woord kamermeisje in dat aan een hotel doet denken. 'De huishoudelijke dienst verschoont vast de handdoeken, lakens, slopen en het matrasovertrek. Je zal zo zien dat er weer kraakhelder fris beddengoed op ligt.' Pappi zwijgt. Hij had een ander scenario in zijn hoofd.

Ik doorbreek de pauze met: 'Even wat anders. Ik vind dat je stem optimistischer klinkt dan gisteren. Vind je dat zelf ook?' Hij mat: 'Mwah,dat weet ik niet, maar als jij het zegt zal het wel zo zijn. Laten we het daar maar op houden dan.' Pappi verbreekt de verbinding. Hij knalt menigmaal de hoorn erop. Bijvoorbeeld wanneer hij moe is, niet goed uit zijn woorden komt, het gesprek niet kan volgen of als hij zijn zegje heeft gedaan.




maandag 30 oktober 2017

DOORGEDRAAID

uitsnede foto: Tineke Buskes. Afwezig en lusteloos

Q. is doorgedraaid of dolgedraaid zoals hij het omschrijft. Zo is hij in de veronderstelling dat de recreatiezaal een rumoerig bruin café is waar hij de stamgasten (zijn medebewoners) niet herkend. Pappi: 'Is al dat vreemde volk hier over de vloer wel te vertrouwen? En: 'Hoe kom ik, een keurige oude heer, op mijn oude dag boven een kroeg terecht?' Hij meent dat er telkens afgerekend dient te worden na het nuttigen van ontbijt, lunch en diner. Het handgeld in zijn bordeauxrode portefeuille lijkt hem ontoereikend. Als de zuster hem komt halen, stribbelt hij tegen: 'Ik blijf in bed'. Zij is doortastend genoeg om hem op de been te krijgen. Hij belt mij om koekjes mee te nemen, zodat hij geen honger hoeft te lijden - ik verzeker hem dat hij alles kan krijgen waar hij trek in heeft. Na 35 jaar wil hij weer een sigaret opsteken en aan een verzorgende vraagt hij of ze mijn moeder heeft gezien. Ook het verhuisverhaal is weer terug. Hier kan hij niet blijven, want hotelovernachtingen zijn veel te kostbaar zijn. We krijgen het moeilijk uit zijn hoofd gepraat dat het concept 'zorghotel' overdrachtelijk is bedoeld en dat hij er permanent woont en zich geen zorgen hoeft te maken wat betreft financiën, of wat dan ook. 

Pappi legt enorme druk op me door te proberen mij, zijn enige dochter/vertrouwenspersoon, voor zijn karretje te spannen. Hij wil praten, praten, praten. Praten om grip te krijgen op zijn warrige grijze massa die het niet kan bolwerken. Ik probeer er zoveel mogelijk voor hem te zijn, maar al dat intensieve gepraat haalt voor hem weinig uit en trekt een  emotionele wissel op mij. Uit zelfbescherming hemel ik het liefdevolle en professionele team dat 24/7 voor hem klaarstaat nog meer op dan gewoonlijk. De schatten van de verzorging is geen moeite teveel om pappi uit de put te halen. Wat ben ik blij dat ik hem bijna blindelings aan hen kan overlaten. Helaas is de ratio is na zware dagen en nachten en alle inspanning ten spijt nog ver te zoeken. 

Tijdens een schoonheidsbehandeling (gezichtsmasker met ontspannende hoofdmassage) nemen we de dieptepunten van de afgelopen week voor de, wat mij betreft, allerlaatste keer door. Ik geef aan dat ik met deze 'regressietherapie' zijn geheugen reset. Aandacht is onbetaalbaar, maar vlak de invloed van de medicatie (risperidon) niet uit: eindelijk begint het een en ander weer te dagen bij Q. Het is afwachten hoe het er deze morgen voorstaat.

zondag 29 oktober 2017

WINTERBLUES


Krap twee maanden na de laatste week in niemandsland is pappi daar weer op 'vakantie'. Dat klinkt mooier dan het is. Hij verblijft in een luxe onderkomen - dat dan weer wel - voor het jaarlijks terugkerend evenement: de winterblues. In de maanden oktober/november luidt de programmering als volgt: van slag, down, en vooralsnog het onvermogen om terug in de realiteit te stappen. Ondanks tegenspreken bestempelt pappi zichzelf als een nul en een sul; hij had zijn hele leven een gruwelijke hekel aan deuners (synoniem voor zeurders) en nou is hij er zelf een. 'Hoe kan dat toch?' vraagt pappi zich moedeloos af. 

Wat de trigger (een invitatie voor een familiefeestje die onrust met zich meebrengt omdat hij beseft dat zich buiten zijn vertrouwde omgeving niet meer kan redden of zijn zienderogen achteruithollende disgenoot die in al zijn onmacht opstandig wordt?) was, is moeilijk te achterhalen, maar dat Q. uit balans is, is een ding dat zeker is. Gelukkig accepteert hij het gegeven dat hij, net als meer mensen, lijdt aan de winterblues. Een slimme vondst van verpleegkundige G. - geef het beestje een naam en er is een remedie voor. 'En de winterblues gaat weer over? vraagt hij gretig. 'Gegarandeerd', zeg ik, 'daarna voel je je weer een jong lentebokje.' 'Maak er maar een gei(n)tje van', lacht pappi zoetzuur.