dinsdag 5 december 2017

VREDE OP AARDE

Wij willen Knorr, hup meneer de Knorr!

Thuis aten we op willekeurige tijden vanwege pappi's wisseldiensten. Was hij rond reguliere dinertijd thuis dan nuttigden we de warme maaltijd samen. Bij voorkeur zwijgend metop de achtergrond muzak uit de bandrecorder. Had pappi behoefte aan rust na een inspannende werkdag hard, moesten wij zo leren om niet met volle mond te praten (bezorgd dat wij ons zouden verslikken) of was het om de voortreffelijke kookkunsten van mijn moeder recht te doen? Geregeld stond hij zelf achter de potten en pannen, of beter gezegd achter de gietijzeren wok, want mijn vaders specialiteit was Indisch koken (en koude buffetten verzorgen). Was aandacht voor bereid voedsel een blijk van waardering of was stommetje spelen (tafeleitiquette) vroeger bij zijn ouders de norm en herhaalt de geschiedenis zich gewoon?

Hoe dan ook, de zwijgplicht wekte bij mijn grote broer en mij juist plaagzin op. De aansporing van de hongerige maagjes begon met:  'Wij willen Knorr*, hup meneer de Knorr!' wat gestaafd werd met bonkende knuistjes op tafel. Dampende borden voor onze neus, terwijl we onder de tafel samenzweerderig de knieĆ«n tegen mekaar stootten. Het kwam er meestal op neer dat we de giebel niet in konden houden, mijn mams met pretoogjes die als ze het bijna uitproestte naar  de keuken verdween om zogenaamd schaaltjes bij te vullen en Q. die corzelig riep: 'Kunnen we nou nooit eens rustig tafelen?'

Mijn sfeergevoelige Pappi schuift nu driemaal daags aan met medebewoners. Dat is een verzoeking wanneer hij niet lekker in zijn vel zit. Zeker als zijn dementerende buur daarbij nukken vertoond en diens vrouw alsmaar op hem vit. Je zou zeggen: zet hem aan een andere tafel, maar een eerdere stoelendans om een soortgelijke reden bood geen soelaas; niet op zijn gemak vindt hij altijd wel iets of iemand om over te emmeren. Q. zweert bij vrede op aarde (door mijn broer verbastert tot 'vreten op aarde') en kan niet tegen onmin. Zou tegenwoordig angst daar een rol bij spelen? De angst dat een negatieve karakterverandering ook zijn voorland is?
 *Naar de Knorr reclame uit vervlogen tijden

zondag 3 december 2017

SINTERKLAAS WIE KENT HEM NIET


We moesten de uitnodiging voor de verjaardag van pappi's vriendin afslaan. Q. was nog te instabiel om zijn comfortzone te verlaten. Als verrassing doen we haar verjaardag dunnetjes over als ze pappi op de wekelijkse zaterdag bezoekt. De deur zwaait open als we nog bezig zijn om de geleende slingers in Venloos blauw-rood op te hangen. Er was een botsing, en een kort oponthoud om het keukentrapje met een naar eigen zeggen betuttelde Q.: 'Ik ben nog mans genoeg om daar op te klimmen!'. Uit volle borst zingen pappi en ik 'Lang zal ze leven'. Er zijn vlaaitjes, hapjes en wijn. Haar cadeau prijkte met satijnen strik en al ingepakt op de salontafel. Q. vlaste er al de hele dag op, want: de jarige goedheiligman bezoekt vanavond het Zorghuis, over een maand is hijzelf de birthday boy en voor hem viert M. nu en hier haar geboortedag. Nogal verwarrend voor wie het pakje bedoeld is, want: tijd is een relatief gegeven. 'Zal ik het thuis maar openen?' oppert het jarige jetje. 'Nou! Ik ben ook benieuwd wat erin zit!' gebiedt pappi die het mij zag inpakken. Hij hapt gretig in het uitgekozen rijstenvlaaitje met dik slagroom erop. 'Mmm lekker,' zegt de guitige snoet dat van het topje van de neus tot onder zijn kin onder de slagroom zit, 'aan wie hebben we dat heerlijks te danken?' 'Hoe bedoel je?, vraag ik. Q.: 'Wie is er nou jarig: ik, sinterklaas of een van jullie?'

PS Zijn jullie ook zo benieuwd welke vraag hij vanavond aan St. Nicolaas zal stellen?