donderdag 16 mei 2019

MANCAVE



Luistervinken bij praatjesmakers. Sjimmie: ‘Heren converseren. Dames conserveren. Ze wauwelen maar wat.’ Sjors bekijkt de mokken op tafel: ‘Zijn we nu koffie- of theeleuten? Effe serieus. Mijnheer Demijne is met pensioen, maar wil er toch toe doen. ‘Wat was je vroegere beroep?’ Hij: Operator. ‘Mooi, dan ben je vanaf nu in dienst als chirurg. Hij: Ik weet niet of ik dat kan. ‘Je begint met een pleister op de wonde en pas dan ga je voor het echie.’ Hij: En wat als de patiënt het niet overleefd? ‘Geen nood, die kan het niet meer navertellen.’ Goedemorgen! Deze CONVERSATIE vraagt, nee schreeuwt om een mancave, vinden jullie ook niet?

Pappi en zijn huisgenoten zijn ook present op Facebook: Zorghuis Tegelen

dinsdag 14 mei 2019

ZO WORD JE OUD(ER)


De zon kiert gewekt tussen de gordijnen. De tuinman (91) staat fluitend op. De klompen en de werkjas gaan aan. Buiten (bezig) zijn − met name tuinieren − houdt je mentaal en fysiek gezonder. Schoffelen en harken maken zijn hoofd heerlijk leeg. Alles en iedereen wordt door de tuinman vergeten. Visite kan rechtsomkeert maken: geen tijd. Op naar de 92!





KERMIS



Negen blikken en drie ballen staan opgesteld op de mobiele tafel. De Witte Dame, Vrolijke Frans, Tante Leen, Mijnheer Demijne, de tuinman, Buuf en TT zitten als zoutzakken op een rij. We maken er een kermis van: ‘Wie hebben er ballen?’ Tante Leen gooit onderhands en bovenhands en mist nog: ‘Ik kan er niks van, dat zei ik al.’ Wij: ‘Zie de blikken toren maar als iemand die u niet mag.’ Lieve-Floor-hoe-staan-we-ervoor legt haar rekenmachientje aan de kant en beschermt zich met een kussen wanneer Tante Leen ‘m van Jetje geeft. Al dan niet gegronde smoesjes zijn er ook: ik heb op mijn zevende mijn sleutelbeen gebroken, mijn schouder speelt vandaag op, ik heb niet in kunnen gooien en … ik zie slecht, ben bijna doof en ik heb twee stalen platen in mijn arm. Voordat we kunnen vragen naar haar andere arm: ‘Daar heb ik een zwakke pols.’ We schuiven de tafel dichterbij en verder weg, naar links en rechts, en zetten ‘m diagonaal. Vrolijke Frans maakt bij elke beurt jongensachtige schijnbewegingen met de bal. Hij schatert van pret, maar punten behaalt hij er niet mee. Een van de opgegooide balletjes komt bij de tuinman terecht die ‘m met zijn stok de gang in golft. Goed voorbeeld doet volgen: alle balletjes verzamelen geschiedt met de wandelstokken. De tuinman gooit constant goed, maar scoort lage-nummer-blikken. Het is kassa als de Witte Dame de bal tegen achterhoofd van Vrolijke Frans plopt. Hij mag fluitend door naar de kwartfinales. Buuf, die standaard bescheidenheid aan de dag legt, wordt onder aanmoediging een boefje en bloedfanatiek. Ze draait haar schouders als een prof warm, masseert de ballen, spuugt erop voor geluk en vraagt haar buurvrouw TT om voor haar te bidden. ‘Maar ik weet niet eens hoe u heet?’ zegt deze. ‘Baltussen’, zegt Buuf. Mijnheer Demijne grinnikend: ‘De bal moet er helemaal niet tussen. Buuf slaat met haar handen op de knieën van plezier. TT krijgt een giechelbui die zo aanstekelijk werkt, dat we er allemaal in blijven. Om een lang verhaal kort te maken: er volgen kwartfinales (bye bye Vrolijke Frans. Nee, Tante Leen, u zit nog in de race), halve finales (zwaai maar dag met het handje) en de finale tussen Buuf en Mijnheer Demijne. Een stralende Buuf wint en gooit haar armen uitbundig in de lucht. TT neemt de speldoos op schoot alsof zij de eerste prijs heeft gewonnen, en laat zich naar de huiskamer rijden: ‘Hier is het altijd bal. Ik heb weer zo genoten.’



Pappi en zijn huisgenoten zijn te volgen op Facebook: Zorghuis Tegelen