vrijdag 14 februari 2020

WINDENKANNONADE



We laten er allemaal weleens eentje vliegen. Om het darmgas kwijt te raken, laten we gemiddeld zo’n 10 tot 25 keer per dag een wind(je). Soms merk je het geeneens en soms val je bijna flauw van je eigen scheet; de samenstelling en geur van het ontsnapte darmgas heeft o.a. te maken met darmflora en voeding. De vraag luidt: stijgt het schetenrepertoire met het ouder worden? Winderigheid kan o.a. veroorzaakt worden door:

teveel luchtslikken. Denk hierbij aan het eten van voedingsmiddelen die veel lucht bevatten (slagroom, brood, omelet, bubbels in fris en bier), drinken door een rietje, een slecht zittend kunstgebit, praten tijdens het eten, en het onvoldoende kauwen van voedsel

je voedingspatroon. Peulvruchten, prei, kool en uien zijn welbekende boosdoeners, net als fructose in fruit en de zoetstoffen in vruchtensappen

het gebruik van bepaalde medicijnen met een laxerende werking. Zemelen, vezelpreparaten en lactulose kunnen veel gasvorming veroorzaken

constipatie of PDS (Prikkelbaar Darm Syndroom)

later in het leven verkregen voedselintoleranties

een minder krachtige sluitspier, waardoor je een wind minder goed kunt inhouden of een wind niet meer voelt

Slechte zithouding en/of te weinig beweging

Om extra darmgas kwijt te raken, wordt soms wel tot 40 keer per dag een wind(je) gelaten. Wanneer je winden inhoudt, verergeren de klachten. Lekker laten waaien dus. Meer informatie via Maag Lever Darm Stichting: www.mlds.nl/klachten/winderigheid/

Bron: rubriek ouderdomskwalen en remedies in PauwPraat

KINDERSPEL


Pappi wacht op me in de huiskamer. Hij wrijft over zijn buikstreek wanneer ik hem begroet: 'Ik heb de zenuwen, omdat ik niet weet wat ik moet doen.' Ik stop mijn hand onder zijn trui, draai een cirkeltje met mijn vuist en gebruik een magische spreuk. Pappi krijgt een gesloten vuist te zien. 'Kijk, hier zitten de zenuwen in.' Hij lacht als ik ze in de lucht doe verdwijnen. Soms is het kinderspel om iemands stemming om te laten slaan. We drinken samen een mok thee. Wanneer de zon door de wolken breekt, pakken we ons in voor een rondje tuin. Daar is werk genoeg, maar het is 7 graden en waterkoud. Pappi kiest voor het aangeboden alternatief: naar 't Kelderke.

Pappi heeft moeite met het (op zachte toon) formuleren van zinnen. De stemoefeningen houdt hij gauw voor gezien. Wel neuriet en roffelt hij met zijn vingers mee op de vastelaovendleedjes op de achtergrond. Het pimpen van een van zijn vele hoedjes valt niet in goede aarde. Het hoedje verdwijnt in de kast, in plaats ervoor komen houten standaardjes met losse kralen op het tafeltje voor hem. Aan een pin rijg ik verschillende kleuren. Het is de bedoeling dat Pappi het kopieert. Hij rijgt de kleuren achterstevoren aan het stokje. De door hemzelf geconstateerde 'fout' ergert hem. Ik vond het wel een vondst. We doen het samen overnieuw en goed. Pappi schampert: 'Stom kinderspel.' Ik: 'Nu een vrije creatie.' Pappi rijgt, geïnspireerd door de carnaval, de Tegelse en Limburgse, Venlose en Blerickse kleuren. Voordat ik hem met  een opgeheven duim kan belonen, duwt hij het spel van zich af. 

Pappi is in een baldadige bui. Ik gooi de strandbal, de korfballen plus korf, en de grote voetbal in de strijd. We meppen, mikken ballen in het korfje en schuppen tegen de grote bal. Vooral dat ik telkens (expres) de bal doorlaat, veroorzaakt veel lol bij hem. Hij heeft zich herpakt: he's king. Op het einde van de middag is het moeilijk toegeven dat hij moe is. Pappi lost het in duidelijke taal op met: 'Ik denk dat we overlast veroorzaken, want ik hoor de bovenbuurman brullen. We staken ermee, zo dadelijk hebben we ruzie.' Hij verwacht dat ik alles opruim en geen weerwoord geef, want hij staat (moeizaam) op en sloft naar de lift.



dinsdag 11 februari 2020

KEUTELEN


Pappi pakt zijn blauwe werkjas van de haak. Ik gebaar: 'Hang maar terug. We gaan wat frullen vanmiddag.' Tegen mij: 'Moet ik niet werken?' Ik: 'Je hoeft alleen maar te genieten, want je bent met pensioen. Pappi: 'Maar ik wil wat te doen hebben. De tuin is inderdaad geen optie met de storm.' Ik: 'We gaan naar 't Kelderke knutselen aan je vastelaovendpekske. Pappi heeft duizend vragen die ik onbeantwoord laat: 'Met mij is het altijd gezellig toch?' Hij proestlacht: 'Oh nou, moet ik plassen.' Op het toilet hoor ik 'm vloeken. Ik: 'Wat is er?' Pappi met binnenpretjes: 'Ik heb mijn pistool te vroeg in het holster teruggedaan en nou is mijn broek nat.' Waar haalt hij het vandaan? Ik olijk: 'Je kon wel weten dat ik nieuwe slips voor je heb gekocht.' De broek, hemd en slip en sokken gaan in de waszak. De kroonjuwelen en de bovenbenen worden gewassen en afgedroogd, de voeten ingecremed. Pappi kiest voor een blauwe boxer en een kaki pantalon. Meteen schone sokken aan, ook nieuw.

Het incidentje is vergeten. 't Kelderke is een oase van rust. Pappi mag de liedjes kiezen. Hij vraagt zonder te aarzelen om Rosamunde en Lekker Zunke. Ik weet: Pappi is goedgemutst en voor alles in. Hij wil zelfs een rood-groen-gele lei* om de nek. Samen nummeren en bundelen we vastelaovesleedjes teksten, maken we regensticks voor de workshop, een tekstbordje met een voor pappi simpele ingewikkelde marineknoop plus een zijden bruidsboeket voor de boerenbruid to be. Alles wat vandaag op de planning stond is af en pappi's hoofd is leeg. Hij wil zelfs nog mee naar de huiskamer en een potje jokeren: 'Als we hier blijven, weten we niet wat er boven gaande is.' Ik sta perplex van die uitspraak uit zijn mond, maar hé, hij is vrolijk.  


Na het jokeren en voor het avondmaal wil hij nog naar zijn kamer. Fluisterend: 'Er zit een keuteltje in de weg.' Ik: 'Nou, ga gauw dan, voordat je je weer moet omkleden.' Hij grinnikt. 'Nee! Niet lachen.' Ik duw Pappi in een hogere versnelling. Op het kleinste kamertje meldt hij dat zijn broek geen drollenvanger is geworden. Ik: 'Je bent goed op dreef, je kunt zo buutreedner worden. Wat een pretmiddag en niemand neemt 'm ons af.

*lei is de echte benaming voor een Hawaii of Aloha krans.