donderdag 9 april 2020

RUST, REGELMAAT EN REINHEID


Pappi's humeur is als de stralende zon: vrolijk. Hij vlecht oppervlakkig coronanieuws uit de krant, zijn loopbaan bij de NS en het Zorghuis aaneen. Wat ik je wilde vragen: 'Rijden er tegenwoordig minder treinen? Ik ben heel blij dat het tegenwoordig niet meer zo druk is op het station. En in de restauratie zitten alleen mijn vaste collega's, hoewel ik die ook niet allemaal ken, moet ik eerlijk bekennen. Echt fijn. Zo is het leven veel overzichtelijker.' Pappi (zijn hele leven zeer op goede hygiĆ«ne gesteld) is waarschijnlijk een van de weinige mensen die het fijn vindt dat visite vanwege besmettingsgevaar uit den boze is, hij op gezette tijden door vriendelijke meisjes in wit wordt opgehaald om aan tafel te schuiven en iedereen HEEL vaak zijn handen wast.

maandag 6 april 2020

ZONDAGSE KAMER

vertier tijdens coronatijden

'Vroeger' is voor dementerenden de tijd toen je kind was. Het veilige thuis bestond uit vader, moeder en meestal een hele schare broertjes en zusjes. Verkindsen zoals men dementeren ooit noemde, betekent niet per se kinds gedrag vertonen. Het is meer je kindertijd herbeleven.

De 'goudgekooide' bewoners willen allemaal wat anders: gym, een hondje om te knuffelen, een kwis, slapen of niksen. Wat ze gezamenlijk willen is: aandacht. Ik kies voor een groepsactiviteit. De beginvraag uit het Grote Dementieboek vindt de een voor kleuters, voor de ander is het miauwend poesje en de tweede vraag (het noemen van je ledematen) zelfs te moeilijk. Wanneer ik verklaar dat Lievelieke me dit boek heeft aangereikt, zijn ze iets gewilliger, maar het blijft trekken aan een dood paard. Ik improviseer een vragenronde via de microfoon, zodat ook slechthorenden mee kunnen doen. De gespreksstof komt op gang als we dieren, keukenspullen, gereedschap, meisjesnamen  met een bepaalde beginletter zoeken. 

Bij kleding van weleer en huisraad buitelen de bewoners over elkaar met voorwerpen en anekdotes. Er is herkenning bij: gebreide sokken, sokken stoppen, naaisters, kolenkit, pendule, staande klok, zondagse kamer (geen pronkkamer volgens de bewoners) en de keukentafel. Ook Tante Poes vindt het zo heel gezellig: 'Zo kom je nog eens wat te weten over de ander.' Niemand uitgezonderd noemt meubels die tijdens het huwelijk in huis stonden. Ook Grietje niet. 'Hoe zag de inrichting van uw huis eruit tijdens uw huwelijk?' wil ik weten. Grietje die feilloos het meubilair uit haar ouderlijk huis belichtte: 'Oh, dat weet ik niet meer, dat is zo lang geleden.'