dinsdag 16 januari 2018

VERGEET-MIJ-NIETJE


Het Vergeet-mij-niet-speldje van Alzheimer Nederland staat symbool voor een toekomst zonder dementie. Door het te dragen laat je zien dat we mensen met dementie en hun naasten niet vergeten. Tegelijkertijd draag je bij aan de bewustwording rondom de ziekte en de hoop op een oplossing. Een zilveren hangertje kost 15 euro. De pins zijn 1 euro per stuk. Per adres kan 1 gratis speldje worden besteld. Doe mee en klik op: Alzheimer Nederland

maandag 8 januari 2018

ZEEMANSLIEDEREN


Volgens verpleegkundige G. verkeert Q. in de veronderstelling dat we naar een mariniersbijeenkomst gaan. Pappi zit bijna klaar: schoenen aan, singlet in de pantalon, baret op. De bovenkleding laat hij aan mij over. In een nieuw jasje-dasje gestoken kan hij op sjiek mee voor een middagje meezingen in 't Zaelke. Ik ben iets verlaat, wat pappi juist fijn vindt: 'Dan zijn we niet de eersten en kunnen we achterin aansluiten.' Die vlieger gaat niet op. De zaal zit tot de nok gevuld en alleen pal vooraan zijn nog twee zetels vrij. 

Shantygroep de Maashave brengt zeemansliederen ten gehore van over de hele wereld. Ik herken de melodieën als jeugdsentiment uit de bandrecordertijd. Q. zingt alle teksten uit het verre verleden feilloos mee. Hij vertrouwt me toe als ik 'm daarmee complimenteer: 'Als ik het niet meer precies weet, maak ik er een mama appelsap van. Zo veranderen woelige baren, heimwee en exotische meisjes, ineens in rode kool en in de Gloria. In de pauze geven we de shantymannen pluimpjes voor de fantastische show. Het optreden is zeer divers, professioneel en alleen al de dirigente/blokfluitiste Hanne Marie Janse die de zeemannen strak onder controle heeft, is het beluisteren en bezien waard. 

Ik heb een verzoekje: Jungen komm bald wieder dat ik mijn moeder (denkend aan haar zoon) nog hartstochtelijk hoor zingen achter de bar in de keuken op de Racinestraat tijdens de afwas. Omdat ik (toevallig) een gestreepte matrozentrui draag, wordt mijn verzoek gehonoreerd. Tijdens de uitvoering daarvan pink ik een melancholiek traantje weg, en gaat de hele zaal met senioren uit zijn dak. Als tot slot Het kleine cafe aan de haven en Geneet van het laeve klinken kan het muziekfestijn niet meer stuk. Q. (helemaal terug in de tijd) neuriet, klapt, zwaait met zijn armen, tapt met zijn rechtervoet op de maat mee, sjoenkelt, zingt de longen uit zijn lijf en roept na het laatste nummer: 'Prima kassie!*' Het publiek bedankt de groep met applaus. Er kan nog nageborreld worden (met lekkere bitterballen in bamboe schuitjes) , maar pappi die zoals altijd als hij ergens anders is, tig keer aangeeft dat hij te laat komt voor het eten, wil naar huis. Een uur later. Pappi klaagt over lamme armen: 'Waar zou dat nou van komen? Ik ben vandaag niet eens buiten geweest!'
* Terima kasih betekent dankjewel in het Indonesisch

zondag 7 januari 2018

HUIZE VOORZORG


Ik heb niets om op te schrijven, rommelt pappi. 'Kijk eens goed in de brievenstandaard', wijs ik. Q. staat met een A5 en een A6 notitieblokje en een gelinieerd schrift in de handen en gooit het op de salontafel. 'Hier heb ik niets aan. Ik bedoel viltjes voor kleine dingetjes die ik niet moet vergeten.' Zolang als ik het me kan herinneren, gebruikt Q. bierviltjes voor korte boodschappen. Bij cafébezoek druk ik er altijd een paar achterover, maar hoog ligt de frequentie niet en pappi is een veelschrijver, vandaar de schaarste. Overbuurman M. maakt pappi reuzeblij met een fikse voorraad waarvan ik de helft opzij zet als reserve.

We gaan samen op stap. Q. zoekt zijn spullen bij elkaar: hoed, sjaal, jas, portemonnee, sleutels. 'Kunnen we?' vraag ik met de klink in de deur en een opvlieger op komst. Q. betast alle zakken in zijn jas en broek: 'Nee, ik heb geen adres bij me.' Hij pakt een viltje, pent met krachtige blokletters zijn naam, Huize Voorzorg kamer 3, en vraagt me de straatnaam en het huisnummer. Ik monkel. Q. trekt zijn wenkbrauwen op. Ik leg hem uit dat Huize Voorzorg een spitsvondige parodie is op de werkelijke naam: het Zorghuis. Q. gniffelt. Wat ik niet met hem deel is dat mijn moeder in de maanden voor haar dood alle zakken in haar kleding voorzag van het adresetiket van de Troskompas, terwijl ze never nooit zonder pap de deur uitging. Pas na haar onverwachte overlijden, vond ik bij het inpakken van haar garderobe de papiertjes die ze uit voorzorg in elke zak, hoe klein ook, had gestoken. Best wel een schok om achteraf te beseffen dat ze voorzorgsmaatregelen had genomen om niet verloren te raken. Zou zij (wel) voorvoeld hebben dat ze tegen de dood aanleunde?


vrijdag 5 januari 2018

KIENEN

De jaarlijkse kerstbingo werd door het vele bezoek (fijn!) verschoven naar de eerste woensdag van het nieuwe jaar. Q. heeft in zijn vroegere voorzittersleven ontelbare malen de nummers afgeroepen tijdens kienmiddagen in het lokaaltje van de door hem opgerichte SSS (Spoorweg Sportvereniging Susteren). Nu begrijpt hij niet eens meer wat met 'kienen' bedoeld wordt. Hij weigert mee te gaan naar de zaal. Na volle bladzijden uit het smoesjesboek kom ik erachter dat het gêne is. Ik verzeker hem dat hij gewoon bingospeler is en ik ongezien meehelp. Pappi grist de volle fles Bree uit de kast (zet hem nog net niet aan de mond), slaat een glas wijn voor moed achterover, en kleedt zich om.

Bij het zien van de kienkaarten begint het te dagen. Hij weet heel gedetailleerd te vertellen dat we vroeger hardboard plankjes met daarop geplakte kaarten en doorzichtige plastic fiches gebruikten die hij zelf thuis per stuk met de hand sloeg voor de hele club. Het rad was een door mijn moeder gestikte kobaltblauwe zak met houten schijfjes met rode cijfers erop waar telkens zijn hand in verdween voor een nieuw nummer, totdat iemand 'Kien!' riep.


fiches werden bewaard in Strepsils blikjes

Drie tafels zitten er klaar voor: twee met kieners en een met omroepster T. die na drie rondjes al schor wordt van het herhaaldelijk en zeer luid uitspreken van het getrokken nummer. Verzorgsters en vrijwilligers zitten een beetje verdeeld tussen de bewoners; zo kunnen we meekijken, aanwijzen en nogmaals het getrokken nummer echoën. Q. die eigenlijk niet mee wilde, heeft als eerste een rijtje vol, als eerste twee rijtjes vol en als we goed opgelet hadden ook de volle kaart. Maar dat zou gênant geworden zijn, want het is de bedoeling dat iedereen een prijs wint. Blij met zijn Axe-maakt-mannen-onweerstaanbaar-aftershave en lila doos Milka hartjes wil Q. het al voor gezien houden. 'He, hallo, doe effe sociaal', trek ik hem lachend aan de zijn mouw terug in de stoel, 'je kan niet weglopen omdat je de buit binnenhebt. Kijk maar mee bij meneer S. naast je.' 

We zitten in de lucky hoek, want de volgende winnaar is meneer S. en daarna mijn buurvrouw. Anderhalf uur wordt er vlijtig afgestreept, wordt er 'zit er al iemand op scherp' geroepen en wordt er 'verdikkeme, ik moest er nog één' gepreveld. Na afloop verruilen de roze plaid en de etagère voor bonbons van eigenaar; everybody happy

Pappi krijgt de door meneer S. gewonnen zwarte schoenpoets in de handen gedrukt, omdat deze enkel beige suède sportschoeisel draagt. T. zegt dat het sponsje super de luxe werkt. Pappi doet meteen zijn klompen uit. In no time glimmen ze. Dat willen de dames ook wel. 'Ik ben geen schoenenpoetser', zegt pappi. Tegen mij: 'Doe jij het maar, jij bent toch mijn hulpje.' En zo kwam het dat ik op de eerste woensdag van 2018 Jenny, Gabor en Pikolinoos liet shinen.

De ochtend erop was Q. gul met de Axe, benieuwd of hij aantrekkelijk(er) zou zijn. Ik weet zeker dat de verzorgsters de mythe van het Axe effect in stand hebben gehouden.

donderdag 4 januari 2018

KOERSBALLEN


Het gevoel verbonden te zijn met anderen is heel belangrijk. We hebben vrienden nodig om ons het gevoel te geven, ingebed te zijn. Het sociale vangnet hoeft niet per se te bestaan uit hechte vriendschappen, goede kennissen zijn even waardevol als contact. Mensen die neerslachtig of depressief en eenzaam zijn, voelen zich leeg. Q. is niet alleen, maar heeft het gevoel dat hij, naast mij (en oké de schatten van verzorgsters m/v), niemand om hem heen heeft - dat laatste is inherent aan het ouder worden.

Pappi zit soms in de ontkenningsfase. Helemaal niet erg als dementie voor hem geregeld een ver-van-mijn-bedshow is, maar de werkelijkheid is helaas anders. Om hem tegemoet te komen (zeker met deze regenachtige winter), zoek ik ook vertier voor hem buiten het Zorghuis om waar hij 'normale' mensen kan ontmoeten.

Ik meld hem aan bij een ouderenbond in het buurtschap waar hij woont. Na de situatie te hebben uitgelegd mag ik mee als chaperonne. Zo belanden we bij een workshop koersballen: een seniorensport die nog best ingewikkeld is. Pappi heeft wat tijd nodig om te acclimatiseren en wil na vijf minuten weg omdat hij zich onzeker voelt: 'Ik blijf hier niet te lang. Waar zijn we? Moet ik niet eten? Hoe zijn wij hier gekomen? Wie past er op ons huis? Waar zijn mijn sleutels? Heb ik genoeg geld bij me, et cetera ...' Dan komen er koffie, thee en Marokkaanse chocoladesoesjes op de proppen. Q. is helemaal in zijn hum.

Wij aspiranten voelen ons welkom en het gaat er ontspannen aan toe. Q. ziet mij grappen en grollen tegen de amicale deelnemers en komt langzaam los. 'Jullie mogen terugkomen', zegt een van hen na afloop. Q.: 'Dat ligt eraan. Ik weet nog niet of ik in T. ga wonen!' Ik knik dat we de volgende keer weer van de partij zijn. Buiten pakt pappi mijn hand vast om de weg oversteken: 'Links, rechts, links kijken en wachten tot er geen verkeer meer is, meid.' (Ik voel me vijf en veilig achterop bij vader op de fiets*) Pappi overhandig ik op zijn thuisadres aan begeleidster L. Zij houdt hem in de gaten: 'nieuw ingevoerde data' kan voor ontsteltenis zorgen.

Twee uur later zit ik thuis achter een dampend bord. Q. belt: 'Heb je nog nieuws? Ik ben al de hele dag alleen. Ik heb niemand gezien.' Ik doe uitgebreid verslag van ons uitstapje. 'Dat klinkt leuk, zoals hij het vertelt', zeg pappi. Q. gelooft mij, maar kan er met zijn volle verstand niet bij dat hij daar niets meer van afweet.

*Paul van Vliet:
Veilig achterop bij vader op de fiets
Vader weet de weg en ik weet nog van niets
Veilig achterop, ik ben niet alleen
Vader weet de weg, vader weet waarheen