vrijdag 9 september 2016

WELLES NIETES

Bed verpakt als bank

Ik val op verschillende tijdstippen bij het Zorghuis binnen waar vrolijkheid en gezelligheid overheersen, omdat ik tegenstrijdige onzinberichten van pappi ontvang. Hij beweert dat er geen activiteiten zijn (er is altijd reuring) en er constant onlusten uitbreken (de ene keer vliegen de dames elkaar in de haren, een andere keer hebben de mannen ruzie): 'daarom maak ik met niemand contact'. Journaal- en krantenberichten over brandhaarden in de wereld leggen zijn verdrongen oorlogsherinneringen bloot. Ik maak me absoluut geen zorgen, maar neem hem wel serieus en check voor 100% zekerheid. 

Ditmaal ben ik er rond 19.00 uur. Hij zit toevallig voor de televisie op zijn gezellige kamer met de ventilator op vol vermogen - alle vorige keren was hij nooit 'thuis' zoals hij dat noemt. 'Waar kijk je naar?' vraag ik als ik zie dat er een serie voor de jeugd op is. 'Ik wacht op het voetballen en de zuster heeft alvast de goeie zender ingedrukt', zegt pappi. Q. ooit zelf bevlogen voetballer en scheidsrechter, kan nu geen hele wedstrijd meer uitzitten. Na vijf minuten onthoudt hij niet meer wie er tegen wie speelt en wat de stand is. Maar het voetballetje rolt, da's bekend. 

Q. in zijn favoriete relaxfauteuil bij het 'Homie' schildje dat hij geweldig grappig vindt.

Zijn brein heeft 's ochtend opstartproblemen. In de vroege middag is pappi het helderst. Naarmate de dag vordert, slibt zijn werkgeheugen vol. Deze avond brabbelt hij meer dan dat hij spreekt, maar ik kan, net als een moeder van haar baby, alles letterlijk ontcijferen. 'Ik zat net een van je boekjes te lezen', wappert hij met KLUIF, 'ultrakorte verhaaltjes kan ik nog inprenten. Voordat de catering langs komt met koffie, versnaperingen en snacks voor diegenen die op hun kamer willen blijven, ga ik zelf in de pantry tappen. Aan een van de stuk voor stuk lieve geduldige medewerksters leg ik het dilemma voor. Ze lacht wijs en haalt direct haar IPhone uit haar witte schort. Ze toont me foto's en filmpjes waar pappi, ballon in de hand, uitbundig meezingt met de Joekskapel die er optreedt. Op andere foto's keuvelt hij gezellig met mannelijk bewoners, is hij aangeschoven bij het echtpaar in het uiterste tuinhoekje of is hij druk met de dames enzovoorts.

Als ik door de lange gang naar buiten loopt, (pappi zwaait me dit keer niet uit omdat de wedstrijd al begonnen is), tref ik de verpleegkundige. 'Waren ze maar allemaal zo als jouw vader. Ik maak 'm elke ochtend als eerste wakker. Hij is altijd goedgehumeurd, zijn vrolijkheid slaat meteen op me over. En na een goede nachtrust is zijn harde schijf ook weer redelijk ververst.' We wisselen een blik van verstandhouding. Zonder woorden weten we dat die gemene meneer Alzheimer, hapje bij beetje, de geestelijke achteruitgang doorzet.

De vouwwand met daarachter o.a. radio/tv.

donderdag 8 september 2016

HOE EN WAAROM


Hoe ben ik eigenlijk hier beland?, vraagt pappi. 'W. en ik hebben je hierna toegereden', doe ik flauw. Pappi is er even tevreden mee. 'Kom je me nou halen of blijf ik vannacht nog hier?' 'We hebben meerdere nachten geboekt, het zou zonde zijn om het resort te verlaten', ik kijk hem vorsend aan. Heeft hij niet door dat ik een loopje met hem neem?

Q.: 'Ik kan me niet meer herinneren waar ik eerst woonde. Ik was toch getrouwd? Hier hadden we nooit met z'n allen mensen in gekund.' Q. ondersteunt zijn zinnen door druk te gesticuleren. 'Dat klopt,' zeg ik, 'je laatste adres was op de Akkerwinde.' 'Dat zegt me niets, te gek voor woorden toch?' Pappi kijkt me ontredderd aan. 'De gaten die in je geheugen vallen, is een van de redenen waarom je nu hier in het Zorghuis verblijft', zeg ik. 'Daarvoor raakte je  in paniek, en was je 's nachts angstig, je werd zelfs depressief omdat je steeds meer moest inleveren. Je liet steeds vaker doorschemeren dat je naar een bejaardenhuis wou. 'Ik weet daar allemaal niets meer van', klinkt het oprecht verbaasd.

Ik haal niet aan dat hij: door zijn opkomend onvermogen tot communicatie vereenzaamde, meubels en spullen in huis ging verplaatsen waardoor hij gedesoriƫnteerd raakte, niets meer kon vinden, constant het overzicht kwijt was, uren, dagen, maanden en jaargetijden niet meer herkende, geen zin meer had om te koken of boodschappen te doen - hij vergat te eten zelfs als ik het voor hem klaar had (gemaakt en) gezet, hij kon geen maat houden (bij een knakworstje kneep hij een hele tube mayonaise leeg om vervolgens het bord van zich af te schuiven met: "ik heb eigenlijk helemaal geen trek." Om een Duits biefstukje te bakken, gebruikte hij de complete inhoud van de grootste flacon Croma om maar iets te noemen. Om mij, als ik net bij hem vandaan kwam, naar hem terug te lokken, verzon hij smoesjes. Q. sneed kabels van sfeerlampjes met de stekker nog in het stopcontact uit elkaar, trok de stroomkabel uit zijn elektrische stoel (relaxfauteuil), haalde de telefoon uit elkaar et cetera. Als het gerepareerd was, en ik zei: 'Niet meer aankomen', dan werd hij bokkig. Alles wat verboden was, werd dubbel interessant.

In plaats van dat alles som ik de voordelen op: je bent een bofkont. Je hebt nu all inclusive in je eigen 'huis' (we hebben de woonkamer nagebootst) op een droombestemming: je bent in goed gezelschap (fantastisch personeel), er is volop entertainment, persoonlijke verzorging (er zijn zelfs 'spa-middagen' ), je mag onbeperkt eten & drinken en je mag gebruik maken van het hele buiten en je hebt een prachtig groen uitzicht. Je hoeft niets meer, alleen maar genieten. Q. lacht: ' Jij weet me altijd op te beuren, het is hier ook fijn. Maar ... ik kom hier dus niet meer weg, begrijp ik?' Gered door geklop op de deur. Het is een hartelijke gastvrouw met het koffie-thee-limonade-en-wat-lekkerskarretje.