donderdag 2 december 2021

TOSCA


Lydia, zesentachtig lentes jong en een plaatje om te zien, heeft heimwee naar vroeger. Moi: 'Als u uw ogen dichtdoet, kunnen we ruiken aan ooit.' Ongelovige ogen. Moi: 'Durft u het aan?' Ik haal een origineel parfumflesje van mijn moeder uit mijn handtas: 'Ik pak nu uw hand vast.' Zij zonder bedenkingen: 'Ik ga mee.' Haar onvoorwaardelijkheid is aandoenlijk.

Met het dopje eraf beweeg ik het flesje onder haar neus. Moi: 'Het is geen 4711 of Boldoot - dat is odeklonje voor oude vrouwtjes - maar ...' Ze ruikt eraan: 'Dat is mijn geur. Het ruikt zwaarder, maar is het Tosca?! Moi: 'De lange bewaartijd heeft het ingedikt en een beetje zwaar en wat muffig gemaakt.' Lydia: 'Doe je een drupje op de binnenkant van mijn pols?' Moi: 'Wilt u ook een drupje achter het oorlelletje.' Zij het zich herinnerend: 'Ach ja, dat deden we inderdaad achter het oor. Wat waren we zuinig! Spuitbussen en (haar)sprays kwamen pas later. Je had wel navulbare kristallen parfumverstuivers die liet je dan vullen bij de HEMA. Ik zie de rubberen pufbol met dito slangetje zo voor me. Toch was dat vaak meer voor de sier op de kaptafel. Het had iets glamourachtigs uit Amerika.' Zij: We waren wel buitenlui, maar wij zagen in de bioscoop ook Hollywood filmsterren, hoor.' Heimwee heeft plaats gemaakt voor geurige souvenirs.  


Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

EEKHOORNTJES

niemand was er blijer met blonnen

Haar dagen zijn geteld. In volledige overtuiging heeft ze het tijdelijke voor het eeuwige verwisseld. 
Tijdens mijn ballonvolleybalactiviteit kraait de slechtziende TT van plezier. Tussen de middag help ik haar bij de maaltijd, want zij prikt op goed geluk vogelhapjes aan haar vork waar een mus voor zou bedanken. Ik voer haar een assorti van appelmoes, vlees en groente met een lepel. Ze is er maar wat blij mee, want wat er op haar bord ligt ziet ze niet en bovendien kost het haar allemaal te veel inspanning. Na het middagdutje doen we een tour de jour en zet ik haar voor het raam om naar de eekhoorntjes te kijken. Kijken is vooral vertellen, want ze neemt slechts lichte vlekken in het donker waar. De wandschemerlampjes met flakkerende kaarsen die in het vroege duister de woonkamer oplichten, ziet ze aan voor van tak naar tak klimmende kastanjebruine pluimstaarten. Het schouwspel maakt haar avond.
Nu heeft de lieverd, rustend onder een eeuwenoude eik, een tuintje op haar buik. De eekhoorntjes zullen haar vast geregeld bezoeken.

woensdag 1 december 2021

TROUWRINGEN

Met een beetje fantasie kun je alles leuk maken. Reclamefolders liggen achter het gordijn op de grond verstopt. Ik word erop opmerkzaam gemaakt door een bewoonster met loopdrang. Tijdens een ommetje door het park dacht ze op het natte asfalt een winnend lot uit de loterij te hebben gevonden. 'Wat zullen we doen met een miljoen?' zeiden we tegen elkaar. Moi: 'Naar Hawaii? Dan krijgen we een fleurige bloemenkrans om en een rieten rokje.' Nora: 'Ik blijf graag dichtbij huis. Een familiefeest lijkt me wel leuk, dan kun je ook mooie kleren aan. Warme kleren, want het is best fris.' Ze heeft gelijk: naar Hawaii wandelen is best 'n end. 'Even later heeft ze er verder over nagedacht: 'Wij zijn twee dezelfde. Zullen we altijd bij elkaar blijven?' Moi: 'We kunnen elkaar ook trouw beloven.' 

Ik vis de juweliersfolder uit de stapel die nu op tafel ligt. Onder grote hilariteit zoekt ze zonder pardon de duurste ringen met parels én diamanten uit. Met zin in een feestje gaan we door met het uitzoeken van de taart en de hapjes in de AH kerstfolder. De achtergrondliedjes die Nora meezingt, worden voor het orkest genoteerd. Wanneer de verzorgsters een kijkje komen nemen, pakt ze me in de arm en zegt: 'Wij gaan trouwen.' De verzorgster zitten meteen in het toneelstukje: 'Nora, dan mogen wij toch bruidsmeisjes worden?' en 'Ik Ik Ik wil de sleep vasthouden'. De kok bombardeert zichzelf als ceremoniemeester. Nora is het stralend middelpunt. 

Bedtijd. De zuster die haar nachtpon onder het hoofdkussen vandaan pakt, vindt erin verpakt het uitgescheurde plaatje van gouden ringen met parels en diamanten uit de folder. Voor ik het weet, staan we voor het altaar.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

PLUIMPJES

Welgemeende pluimpjes beuren iedereen op. Johans dag kun je niet beter afsluiten dan door hem te laten merken dat hij er ook op z'n oude dag nog toedoet. Na het dichtdoen van alle gordijnen (ook die niet dicht hoeven) steek ik mijn duim omhoog. A la Rijk de Gooijer in de Paturain reclame: 'Goed gedaan jochie.' Hij bijna verlegen draaiend en glunderend van oor tot oor: 'Is het echt goed zo? Ook die gebloemde?' Moi: 'Helemaal goed, trouwens meer dan je best kun je niet doen.' Johan gevat rijmend: 'Jawel, je best ... en de rest!'

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

MIJN NAAM IS

om privacy redenen is de naam gefingeerd

'Ze zien me niet staan. Ik voel me onzichtbaar', snottert Lia links en rechts theatraal de ogen uitwrijvend. Pesten of negeren is van alle leeftijden. Ook onder ouderen komt het voor. Bij dementerenden is dat vaak niet bewust. Het is meer uit onvermogen om (op de juiste manier) contact te leggen. Tijd om de Rummikub doos te voorschijn te halen. Zij: 'Dat spel ken ik niet.' Moi: 'Dat hoeft ook niet. We gaan de letters gebruiken om uw naam te leggen.' Wanneer mensen hun naam letterlijk zien, voelen ze dat ze bestaan. Lia legt na heel wat geschuif haar naam met de door mij geselecteerde letters. Wrijvend over de drie woorden: 'Dat ben ik. Dat is mijn naam.' Moi: 'Een beroemd filosoof zei ooit ....  Zij: 'Ik zie mijn naam, dus ik besta.' Ook goed.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

WIJNWATER

Mies woont intern. In tijden van corona komt het helaas weleens voor dat bewoners verplicht op hun kamer moeten blijven. Mies wil niet op haar kamer blijven. 'Opgehokt' bonkt ze, zichzelf gekmakend, met de rollator tegen de deur. Ik kom haar bijstaan. Op doorvragen na 'waarom mag ik niet weg?' komt het hoge woord eruit: ze is bang alleen. Moi: 'Daarom ben ik er nu speciaal voor u. Samen zijn we niet alleen.' Dat palmt haar onmiddellijk in: 'Kom maar dichtbij me zitten.'

Door de kerstster in de vensterbank geraken we bij het thema kerst. Mies is van dezelfde lichting als mijn ouders. Haar kerstbeleving kan ik getrouw en gedetailleerd voor haar inkleuren, zij kopt in met vermakelijke persoonlijke anekdotes. In een avondvullende gedachtenwisseling gaat het genoeglijk en met veel lol van arrenslee tot sneeuwballen gooien (wat kon je uitgelaten zijn toen je jong was), van een gat in het hoofd tot nieuwe knieën, van een knikengeltje (dubbeltje) tot knielen op houten kerkbankjes met donkerbruine vilten leggers, van piek (opgetild worden door vader om de piek op de kerstboom te plaatsen) tot gekleurde kerstlampjes (zij bij de pinken: ik had reserve), van kerstmenu (ik denk dat ik me door iemand laat uitnodigen die goed kan koken) tot kleding, (het gappen van) chocoladekransjes met witte spikkels uit de kerstboom tot pasteitje met ragout, van kapper tot echt gouden oorbelhangers (het mag wat kosten in december), van pastoor tot orgelman, van hostie tot wij(n)water, van Heidschi Bumbeidschi [eigenlijk een wiegelied, maar iedereen kent het als kerstlied] vertolkt door Heintje tot Pasen; ook een christelijke traditie.

Ik zing regels uit Stille Nacht, White Christmas van Big Crosby en de herdertjes lagen bij nahahachte. Een plaagstootje richting mij: 'Ik ben nooit bij een zangkoor geweest. Jij ook niet hè. Hadden we echt moeten doen!' Ze slaat beide handen plat op haar bovenbenen van de schik. Uiteindelijk beschrijf ik de hele nachtmis voor haar. Zij: 'Ik ging al jaren niet meer naar de kerk, maar ik ben blij dat we nu geweest zijn. Het was zo (ze zoekt naar woorden) ... sfeervol, ook door al die bloemdecoraties. Ik voelde de liefde stromen. Misschien ga ik morgen (Tweede Kerstdag) nog wel een keer, er zit nog wel een dubbeltje in mijn beurs.'

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

maandag 29 november 2021

OUDPAPIER

Opgeruimde kamer, opgeruimde geest. Door de rondslingerende tijdschriften op stapels te leggen, moeten Neels gedachten die woensdagavond alles weer op een rijtje krijgen. Althans dat was de bedoeling. Ik ga vast van start: goed voorbeeld, doet volgen. Neel blijkt daar helemaal geen zin in te hebben (ze wil gewoon naar huis), want al die roddelbladen interesseren haar niet. Ze kunnen wat haar betreft morgen (voor haar zaterdag) aan de straat gezet worden. Ik trek een lade open op zoek naar touw om het papier te bundelen. Zij: 'Er hoeft geen bindtouw om.' Ik kan net voorkomen dat ze een zware stapel wil oppakken. Zij: 'Weg ermee. Het ligt alleen maar in de weg.' Moi: 'Maar we kunnen er iemand anders toch blij mee maken?' Zij resoluut gebarend: 'Alles kan weg. Het zijn maar spullen. Ik zou alles, ALLES willen ruilen om naar huis te mogen gaan.' Dementie kan zo wreed zijn.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

ONBEGREPEN

Iemand met dementie kan zich onbegrepen voelen, omdat de werkelijkheid niet strookt met de actualiteit. Verplaats jezelf in hun situatie en bedenk hoe jij zou willen dat er op je emotionele toestand gereageerd wordt. Ga bijvoorbeeld (een stukje mee) in hun beleving. Met hart, humor en fantasie kom je een heel eind.

Mensen met een haperend geheugen die niet meer thuis wonen, willen vaak naar huis. Toon begrip voor hun gevoel zonder zielig te doen: alles komt u vreemd voor, u voelt zich opgesloten/gevangen, u heeft verdriet, heimwee et cetera. Door het gevoel te benoemen en af te kaderen, geef je diegene de kans om kortdurend zwelgen toe te staan, maar bied je hem/haar ook een uitweg om zich er daarna over heen te zetten.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

BEPROEFD RECEPT

Wanneer ik tegen het middaguur aanwaai, ligt Bertha nog in bed. Ze weigert op te staan. Hier komt mijn ervaring met dementerenden goed van pas. Ik ga geen 'gevecht' met haar aan. In plaats daarvan plaats ik in het midden van de geordende slaapkamer mijn dichtgeritste knaloranje handtas. Mijn vest drapeer ik slordig over een stoel die dienst doet als dressboy. Twee dingen die volledig uit de toon val.

Ik verlaat de kamer en wacht op de overloop af. Een warhoofd kan niet tegen rommel. Na enkele minuten wint haar nieuwsgierigheid en/of de dementie het van haar. Door de kier van de deur kan ik me verkneukelen: dit foefje is zo doorzichtig en toch werkt het altijd. Het mooiste van alles: Bertha is vrijwillig en vooral zonder commotie opgestaan. Ik loop de slaapkamer binnen. Zodat ze zich niet betrapt voelt, We gaan meteen over tot de fijne ochtendroutine van wassen en aankleden, zodat Bertha zich a) niet betrapt voelt en b) niet terug naar bed gaat.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

zondag 28 november 2021

DORUS HANDSCHOENEN

Haar dochter heeft de gewatteerde jas van haar broze moeder uit de mottenballen gehaald. De nieuw aangeschafte mintkleurige sjaal en muts liggen erbij klaar in het halletje bij de voordeur. Wanten zie ik in de gauwigheid niet. In de vrieskou scheppen we een luchtje rond het huis. Vrij snel zie ik haar benige vingers blauw worden, ondanks dat ze ze in haar binnenzak houdt. Ik leen haar de mijne, vingertopvrije. Ik verwacht dat ze de 'kapotte' handschoenen zal afwijzen, maar mevrouw joelt: 'Hé, dat benne Dorushandschoenen.' Dorus' liedje van de 'twee motten' mag hier uiteraard niet ontbreken.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

DE HOTELVARIANT


Het is haar eerste nacht van huis. De familie heeft haar aan ons toevertrouwd. Het begrip 'een mooie oude dag in een verzorgingstehuis' ziet de persoon in kwestie (nog) niet zitten. Ik kan het niet over mijn hart krijgen om haar in te lichten over 'voor altijd'. Probeer het je maar eens voor te stellen: een onbekende omgeving, vreemde mensen en het wordt nooit meer zoals het was, met de nadruk op: nooit. 

Vanwege haar instabiele stemming en mogelijk daaruit voortvloeiende hysterische scenes kies ik vandaag nog voor 'de hotelvariant'. 'Tijdelijk' verzacht de grote stap en de hotelvariant brengt een geluksgevoel.  'Alsof u een prijs in de loterij heeft gewonnen', antwoord ik op de met veel afschuw uitgesproken vraag of ze HIER?! moet blijven. Nadat ze eens goed heeft rondgekeken, troon ik haar nogmaals de kamer rond. Ik beschrijf de luxe decodetails en verwenvoorzieningen. Zij: 'Dit is een eenpersoonsbed. Daar kunnen we niet met zijn tweeën in liggen.' Ze strijkt met haar hand over het dekbed. Ik zie haar denken: wel een luxueus dekbed.

Het was een lange emotionele dag en mevrouw klaagt over hoofdpijn. Moi: Zal ik u een hoofdmassage geven?' Ze mort in haar relaxfauteuil. Ik begin voorzichtig, totdat de vermoeidheid een volledige massage toestaat. Na tien minuten wil ik weten wat ze ervan vindt. Zij gelukzalig: 'Ik mag zeker niet vragen om meer? 'Moi: 'U heeft all inclusive. Ik kan net zolang doorgaan als u wilt.' Zij, nog lichtjes tegenstribbelend: 'Eerst zien, dan geloven. Morgen krijg ik vast de rekening.' Ik verzeker haar dat alles is betaald. Ze gaat er eens goed voor zitten en wijst een plekje op haar hoofd aan: 'Vooral hier vind ik erg fijn.' Na een kwartiertje dut ze tevreden in.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

zaterdag 27 november 2021

EERHERSTEL

Aan de muur hangt een levensgroot portret van een man die in de bloei van zijn leven door een auto-ongeluk uit het leven is gerukt. 'Dat is een mooie man', wijs ik. Mevrouw bot: 'Van mij mag je dat schilderij van de muur halen. Ik heb nooit wat aan hem gehad.' Die mededeling laat me even slikken, want volgens de kinderen was hij een fantastische vader. Hoe triest voor de nagedachtenis ook, het is onbedoeld geestig door mevrouws manier van doen. Ze maakt het nog gortiger door er kneuterig aan toevoegend: 'Hij was er nooit en nu komt hij ook niet op bezoek.' Ben je verkeersslachtoffer, word je door dementie daarbovenop postuum bestempeld als erbarmelijke echtgenoot. Dat vraagt (bij een gunstige gelegenheid) om eerherstel.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

vrijdag 26 november 2021

GROUNDHOG DAY

foto: Haffmans antiek

Haar man verzorgde haar jaren liefdevol. Een dag nadat hij overleed werd zijn hulpbehoevende echtgenote uit huis geplaatst. Ondanks dat mevrouw nu al anderhalf jaar ergens verzorgd woont, is elke nieuwe dag voor haar groundhog day*

Ik draag een donkerblauw jurkje. Bij mijn binnenkomst zucht mevrouw: 'Ik sta ook op zwart.' Moi haar hartelijk in de arm nemend: 'Dan gaan we eens wat kleur in ons leven brengen.' In de eerste de beste relaxfauteuil op weg naar haar kamer ploft ze neer: 'Ik wil naar mijn man. Naar huis.' Telkens weer dezelfde smeekbede, telkens weer hetzelfde verdriet. Vanwege de gewenning kan de verzorging niet anders dan eerlijk zijn, anders ontstaat er geen acceptatie en blijft de onrust duren: haar man is overleden en ze woont nu hier. 

Op de momenten dat mevrouw moe is, mist ze de geborgenheid van haar gezin, haar vertrouwde omgeving. Ik gooi het over een andere boeg en beschrijf haar emotie. Ze neemt de tijd om haar gevoelens te verwerken. Zij, al iets toegevend: 'Dus ik KAN niet naar huis?' Moi met omfloerste stem: 'We kunnen een beetje naar huis.' Ik bied haar opnieuw mijn arm aan en zij haakt hoopvol in. We wandelen vlot naar haar kamer waar de eigen meubels haar bekend voorkomen. Samen kuieren we langs het gezellige zitje, het bed, en de kast met parafernalia. Het glas van het zilveren lijstje met een foto van haar man zit onder de afdrukken van kusjes. Ik pak het op en toon de foto. Zij verrast: 'Dat is 'm. Hé, hij is hier. Je bent mijn reddende engel.' Samen kijken we in het familiealbum dat vol staat met vrolijke zwartwitkiekjes van haar kinderen. Ze raakt niet uitverteld. 

* In de film Groundhog day moet een chagrijnige weerman met tegenzin in een afgelegen gehucht een reportage maken. Daar belandt hij vervolgens in een tijdlus en wordt elke morgen op diezelfde dag opnieuw wakker.

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

DE HIK

  ik heb de hik 

  ik heb de pik 

ik geef 'm aan een anderman 

die 'm goed verdragen kan

Els heeft de hik. 'Dat heb ik vaker sinds ik een oud besje ben. Best vervelend', geeft ze aan. 'Water drinken doe ik niet, want dan ben ik bang dat ik me verslik. Mijn adem inhouden vind ik doodeng (het zou zo maar je laatste ademteug kunnen zijn) en het versje opzeggen helpt niet. Moi: 'Doe uw armen eens omhoog.' Zij strekt haar armen zo ver als ze kan ik de lucht en roept tot mijn verbazing: 'Hoera!' omdat ze de beweging daarmee associeert. Ze haalt opgelucht adem. Blij verwonderd: 'De hik is weg.' Moi: 'Hoera!' Zij echt verbaasd: Dat hoera! helpt, had ik jaren eerder moeten weten.'

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen

NAMEN NOEMEN


Mevrouw kijkt me voor de zoveelste keer in de ogen:  'Wat is jouw naam? Ik noem mijn naam. Zij: 'Ik vind MIJN naam mooier.' Ze noemt olijk haar naam. Moi vol schik: 'Dat is inderdaad een bijzonder mooie naam. Ik zou best willen ruilen.' Zij zonder pardon: 'Daar doe ik niet aan.' Moi: U was vroeg wakker vanmorgen.' Zij knipogend: 'Zo is het.'

Uit de serie: zoveel zorgen, zoveel hart&humor verhalen