vrijdag 20 mei 2022

DE BROMVLIEG

vliegenmepper

De bromvlieg bromt tot vervelens rond in zijn lichte kamer. Irritant, maar de bromvlieg en Har willen beiden eigenlijk hetzelfde: de vrijheid naar buiten vinden. De ramen zijn vanwege de airconditioning niet kantelbaar. Ik zet de kamerdeur naar de gang wijd open en jaag de bromvlieg op met een opgerolde krant. De diervriendelijke methode is gelukt. Gauw de deur dicht. Wanneer de verzorgster een ijshoorntje serveert, vliegt de bromvlieg die op de deur was blijven plakken weer de kamer in. 

Brommende vleugels. Har vindt het amusant, maar ook welletjes. De bromvlieg is me telkens te vlug af; hij bemerkt mijn schaduw of herkent het moordwapen. Har haalt een tennisracket met dodelijke stroomstoot voor insecten - mits je raak mept - onder zijn stoel vandaan. Ik waarschuw de bromvlieg een laatste maal: ga je weg of ik sla je weg! Ik oefen wat slagen. 

De bewoner in de kamer recht tegenover heeft de jacht op de bromvlieg gedeeltelijk gevolgd. Bij het zien van het tennisracket in actie, mept de ooit fanatieke amateur badmintonner automatisch terug. De jacht op de bromvlieg wordt veronachtzaamd. Als professionele luchttennissers slaan we wat over en weer met de gang als net. Hilarisch. Har eist mijn volledige aandacht weer op: 'Hallo, ik zit hier ook nog. Die brommer vindt zijn vrijheid wel. Ik zit hier voor de rest van mijn leven opgesloten.' Moi plagend: 'Hadden we maar vleugels moeten laten groeien.' Har bromt. Ik pak symbolisch de vliegenmepper in mijn hand. Har leuk: 'Oké, oké, ik doe al weer aardig, anders zwaait er natuurlijk wat.' 😀

Een Saar snapt wat nodig is!

MONA LISA

 dromerige blik

Rietje haalt het kartonnen fotoalbum uit de grote houten wandkast tevoorschijn. Ze heeft niet altijd zin om erin te bladeren, maar nu zijn de door inkepingen vastgehouden vale foto's goed voor vroegerverhalen. In gebogen zithouding wijst ze een tienerportret van zichzelf. Voordat ik haar kan complimenteren, zegt zij: 'Wat was ik toch een triest pietje.' Moi: 'Typisch, ik vind het juist een bijzondere foto van een dromerige kijkend mooi meisje dat een prachtige toekomst voor zich weet. Net als de Mona Lisa. Die uitdrukking heeft u nog steeds en natuurlijk die sprekende sprankelende hazelnootogen.' Ik pep haar op met wat ze allemaal in haar (werkzame) leven heeft volbracht. 

Rietje: 'Jij bent altijd zo positief en vrolijk. Ik ben altijd saai geweest. Nooit vrolijk. Nu voel ik me ook saai.' Moi: 'Het is mijn missie om u blij te maken. Dat kan niet in een keer, maar elke keer dat u spontaan lacht, stapel ik erbij op. Rietje geheel in HEMA-stijl: 'Krijg ik dan ook stapelkorting?' Alle beetjes helpen: lach nummer 1 staat genoteerd. Het fotoalbum leggen we aan de kant. Tijd voor het hiernumaals. We bladeren door een modemagazine met uitbundige foto's van blije vijftigplussers en stellen ons voor dat wij (ietsje ouder) dat zijn. Vrolijkheid op verzoek; ik had niet verwacht dat ze er zo in mee zou gaan, maar ze is voor bijna alles in. Rietje rechtop en stralend: 'Je stapelt goed.' Missie gelukt!

Een Saar snapt wat nodig is!

donderdag 19 mei 2022

JA MAM

moeder dochter

We wandelen in de vroege middag onder perenbomenpracht. Zij achter de rollator, ik rechts naast haar. Ik krab aan een korstje op een knokkel van mijn linkerhand. Zij in een reflex: 'Niet doen, dadelijk gaat het bloeden. Zitten al je kleren onder.' Het verbaast me dat ik gedwee reageer met: 'Ja mam.' Zij draait aandachtig naar me toe. Hartelijk: 'We zijn eigenlijk bijna-buurmeisjes, maar het voelt als een moeder-dochter moment.' Ik voel precies hetzelfde. Wanneer we naar het vijf-uur-journaal op de radio luisteren, kriebelt zij aan haar elleboog. Moi quasi terechtwijzend: 'Niet krabben. Mag ik ook niet.' Zij amicaal: 'Ja mam.' 

Een Saar snapt wat nodig is!

dinsdag 17 mei 2022

SMILE

mooie tanden

Het is even over twaalven. Plompverloren begint Bea te huilen. Ze snikt als een kind dat haar moeder in de winkel is kwijtgeraakt. Op mijn vraag wat er aan de hand is, snikt ze: 'Je hebt zulke beeldschone witte tanden en ze staan zo recht.' Ik wrijf haar bemoedigend over de rug en zeg: 'Daar hoeft u toch niet om te huilen.' Bea: 'Ik ben er echt verliefd op. Mag ik ze hebben?' Bea nogmaals: 'Mag ik ze hebben? Of lenen?' Bea is van de kunstgebittenlichting. Ik schiet in de lach: 'Samendoen gaat niet lukken. De mijne zitten vast.' Bea wiens waterval gestopt is: 'Dat is een tegenvaller.' Moi: 'U heeft toch zelf ook mooie tanden.' Bea: 'Nee, heb ik niet. Ik ben al mijn tanden kwijt.' 

Moi: 'Smile! Cheese! Kaas! Toe geef me eens een van uw mooie glimlachen.' 'Nee, dat doe ik niet. Dat ziet niet uit', zegt Bea met de bolle toet. Moi: 'Mag ik even kijken?' Ik trek een wegwerphandschoen (altijd bij je dragen!) aan en doe haar magere lippen die ze stijf op elkaar wil houden, een beetje uit elkaar. Ach! Bea heeft haar tandjes vergeten in te doen. Moi: 'U hoeft niet meer te huilen. Uw probleem is zo opgelost.' Bea kijkt me hoopvol aan. Het is even zoeken naar haar, ik zou bijna zeggen tot op het bot, afgesleten ondergebit waar alleen een paar snijtandjes decennia van dienstdoen hebben overleefd. Het gebitje dat in het sieradendoosje lag, spoel ik af onder de kraan. Als ze het weer in heeft, troon ik haar mee naar de wastafel zodat ze voor de beleving haar tanden kan poetsen. Als ze de tandenborstel in haar hand heeft, doe ik er wat Prodent op. Prodent natuurlijk gebruikt ze Prodent! Blij maakt ze heen en weer gaande bewegingen in haar mond.

Een Saar snapt wat nodig is!

maandag 16 mei 2022

SODABADJE

 sodabadje

We zitten op haar balkon in de zakkende avondzon. De temperatuur is zwoel en zomers. Moi: 'Deed u vroeger, wanneer je 's avonds buiten zat, de voeten in een teiltje met soda?' Hennie: 'Nou en of!' Binnen mocht dat nooit in verband met knoeien. Soda bijt vlekken uit het tapijt.' Mijmerend: 'Je keek echt uit naar die badjes.' Ze kijkt naar haar handen: 'Je liep veel op blote voeten en door ze in de soda te weken werden ze schoon en heerlijk zacht.' Moi: 'Zal ik een badje voor u klaarmaken?' Hennie: 'Ach nee, het is zoveel werk.' Moi: 'Ik doe het graag voor u. Het is echt geen moeite.' Hennie: 'Ik heb zweetvoeten. Mag het ook een handenbadje zijn?' Tuurlijk. Ouderen zijn goed voorbereid en hebben alles in huis. Ook soda. Hennie krijgt een schort om en een oude versleten handdoek over haar schoot gedrapeerd. Het teiltje met wat soda in handwarm water plaats ik op haar schoot. Ik houd het een beetje schuin, zodat ze er met beide handen in kan poedelen. 'Heerlijk warm', klinkt het genietend. Wanneer het water koud wordt, giet ik er wat warm bij. Hennie: 'Ik zou zo de hele avond kunnen blijven zitten.' Ik geef haar het nagelborsteltje aan. Ze doet het voorzichtig onder water, zodat het niet spattert. Als ze daarmee klaar is, doe ik wat vingeroefeningen voor. Zij: 'Moet dat?' Moi: 'Yes! Uw handen zijn nou lekker warm en soepel. Ideaal om vingeroefeningen te doen. Dan vet ik ze daarna lekker in.' Ze doet het braaf en staat versteld van wat ze nog allemaal met haar door de 'rimmetiek' geteisterde handen kan.

Een Saar snapt wat nodig is!

zondag 15 mei 2022

OPBLOEIEN


Het zomert in het groeiseizoen. Ik loop met het gifgroene gietertje het terras op om de zaailingen in de plantenbak water te geven. Ik zie drie ingezakte kapsels onder de luifel. Bij de drie lome muurbloempjes gutst het zweet via de gezichtsplooitjes naar de hals. De zakdoeken worden regelmatig uit de mouwopening gehaald om de gerimpelde appeltjeshuid droog te deppen. Ik houd vrolijk het gietertje omhoog: 'Kan ik nóg iemand laten opbloeien?' Driemaal gegrinnik. Moi: 'Zie, het werkt meteen!'

Ik schenk de theeglazen weer vol om het vochtgehalte van de dames op peil te houden. Sofie: 'Wat ben jij al bruin. Ben je op vakantie geweest?' Moi: 'Nee. Ik fiets, wandel met de hond en heb een grote tuin die in het voorjaar veel onderhoud vergt.' Sofie: 'Echt mooi brons sportief.' Moi: 'Ik ga er niet voor liggen bakken hoor. En het zijn ook alleen mijn gezicht en de ledematen die bruin zijn. U zou me onder de douche moeten zien: net een wielrennerstenue.' De dames zien het helemaal voor zich en proesten het uit.

Een Saar snapt wat nodig is!

zaterdag 14 mei 2022

KEUKENTAFELGESPREK

zondagse soep

Een snikhete dag in mei. In de keuken de klassieke geur van groentesoep met ballen. Ons gesprek kabbelt onder het bereiden van het middageten luchtig voort. Ik zit met een mandje te schillen aardappelen op schoot. Myrthe vraagt naar mijn leeftijd. 'Bijna zestig. En u?' antwoord ik. Myrthe: 'Ik geloof dat ik 95 ben.' Het klopt wat ze zegt. Ik spring op om de geschilde aardappels af te spoelen. Ik bedenk me ineens: 'Als u uw leeftijd omdraait, zijn we allebei even oud of jong (het is maar hoe je het bekijkt): 59!' Myrthe vol ongeloof: 'Ben ik echt al 59? Mijn kinderen zijn nog kleuters! En sinds twee dagen voel ik me sowieso al twee jaar ouder.' Haar opmerking doet me glimlachen. Waarom ze zich ineens ouder voelt, weet ze niet en ze stapt over op'Wat is het heet vandaag.' Moi breedsprakig en beeldend: 'Het is net zo heet als op de dag van mijn geboorte. Het was om twee uur 's nachts zo heet dat mijn mam mij eruit zweette. Floep, daar gleed ik.' Lol. Ze slaat van pret met de handen op haar knieën: 'Ik zie het helemaal voor me.' In haar kruis voelend alsof al haar bevallingen van recente datums zijn: 'Ik heb acht kinderen gebaard en heb nergens last van. Volgens mij was het toen koud. Dat moet wel.' Ik reik haar de vergiet met sperzieboontjes aan: 'U bent een kranige tante. U kunt vast ook deze boontjes (rengen en) doppen, dan braad ik onderhand het stoofvlees aan.

Een Saar snapt wat nodig is!

ZE BIJTEN

 garderobekast

De kledingkast uitmesten was bij een vorige cliënte zo'n succes dat ik het bij Josefine in de herhaling gooi. Zij heeft skai kledinghangers met koperen nagels die mij terugvoeren naar mijn onbezorgde jeugd. Onderin de stoffige kast liggen ook enkele bekleed met echt (?) krokodillenleer. Ik gebruik ze als decoratie. Het opruimen verloopt eender en Josefine is net zo content als haar voorgangster. 

De krokohangerdeco gunt ze geen blik waardig. Als ik er enthousiast naar informeer, negeert ze mijn vraag. Ik laat het zo. Bij een volgend bezoek zijn de 'krokodillen' verdwenen. Bij navraag wil ze er slechts over kwijt dat 'ze bijten' en dat ze het relateert aan een naar voorval uit haar kinderjaren. Had ze er een tik mee gekregen, was ze ermee geplaagd door haar oudere broers of ...? Een rappel voor mij: ieder mens heeft andere associaties bij een voorwerp of gebeurtenis en dat kan positief en negatief zijn.

Een Saar snapt wat nodig is!

FLIP FLUITKETEL

thee zetten met een waterkoker

De giebeltante kun je makkelijk aanzwengelen. Ze vindt namelijk elk grapje geslaagd, wat ook goed is voor andermans ego. Ze blieft een kop thee. Ik vul de waterkoker en druk op 'aan'. De giecheltante wacht op de fluittoon die niet komt, de waterkoker klikt namelijk als het water kookt. 'Wat duurt dat lang,' constateert ze. Ik leg uit dat een waterkoker anders werkt: 'We zullen zelf moeten fluiten.' Gegiebel. Ik probeer het, maar het lukt me niet. De giebeltante: 'Ik vond Flip Fluitketel veel leuker.' Moi: 'Wilt u fluiten?' Omdat ze telkens moet lachen, lukt fluiten haar evenmin. Moi giechelend: 'Er zit niets anders op dan de polonaise te doen.' De giebeltante hoopvol: 'Heb jij dan zo'n fluitketel voor op het hoofd?' Ik plaats mijn handen op haar schouders: 'Helaas waar is Flip als je 'm nodig hebt, maar we kunnen evengoed een rondje doen.' De giebelende giebeltante leidt me van de keuken naar de woonkamer en naar de gang waar een strohoedje op de kapstok hangt. Ze stopt voor de wc-deur: 'Even wachten. Eerst naar de wc, anders plas ik in mijn broek.' Giebeldegiebel. Terug in de keuken, is het theewater lauw. Ik wil haar het knopje van de waterkoker laten indrukken. Ze neemt giebelend op een keukenstoel plaats: 'Poeh. Even bijkomen. Het was net carnaval.'

Een Saar snapt wat nodig is!

donderdag 12 mei 2022

ZOMERGARDEROBE

houten kledinghangers

'Welke maand is het eigenlijk? vraagt Marie die een wollen trui aanheeft. Ik kan mei zeggen, maar het is leuker en sprekender om er een geheugenspelletje van te maken. Ik som langzaam een lijst van lenteachtige dingen op die met mei te maken hebben en eindig met meizoentjes (oeps). Marie denkt na met de wijsvinger tegen haar lippen. Moi: '... paardenbloemen in de wei en in deze maand leggen alle vogels een ei. Marie steekt haar vinger op: 'Ik weet het. Mei! Daar hoorde ook de grote schoonmaak bij. Wat had ik daar een hekel aan. Vooral matten en gordijnen met de mattenklopper uitkloppen was zo zwaar. Ik was nog maar een kind hè. Ik zweet er nog van.'

Moi: 'Voor poetsen heeft u tegenwoordig personeel. Misschien heeft u het nou warm door de wollen trui. Zullen we alles uit de kast halen en de winterkleren wisselen met zomerkleren? Marie puft: 'Da's veel werk, want ik moet ook broeken passen. Ze voelt aan haar buik. Ik ben flinker geworden, meen ik.' Moi: 'Weet u wat? Ik toon alle kleding stuk voor stuk en dan mag u aanwijzen wat op de winterstapel gaat en wat op de zomerstapel. Als u daarna nog zin heeft, kunnen we alsnog passen.' Marie aarzelt, maar ik zet door. 

Een uur gaat het sorteren van: winter, zomer, zomer, zomer, winter, hm twijfelgeval. Marie: 'Goh, heb ik dat ook nog, dat ken ik, dat moest ik van mijn man kopen maar ik heb het nooit leuk gevonden, dat is onflatteus, bij dat shirtje hoort nog een vestje.' Geregeld complimenteer ik haar met de sjieke kleren en dat ze zo'n elegante smaak heeft. Marie gevleid: 'Ik wist zelf ook niet dat ik zoveel had en zo duur allemaal. Best wel overdreven eigenlijk.' 

We vinden zelfs twee zomerhoeden. Ik poot de ene op mijn bolletje, de andere op dat van haar. Ze pakt de hoed vast en keilt 'm weg. Aan haar ogen zie ik dat ze moe is. Moi: 'Genoeg gedaan voor vandaag.' Ik breng de winterkleding naar de zolder. Terug in de kamer blijkt Marie ingedommeld. Ik leg de opgevouwen zomerkleren op de kastplanken en hang hangend goed keurig in het gelid op houten kledinghangers van dure modehuizen van weleer in de kledingkast; Marie mijmerend: 'Mijn man maakte daar altijd 'kolere' van.' Na 20 minuten schrikt Marie als ik de dubbele kastdeuren zachtjes probeer te sluiten wakker. Ik open de kastdeuren en maak een wijds gebaar met mijn arm: 'Kijk eens.' Marie: 'Keurig hè. Dat heb ik gisteren allemaal alleen gedaan. Ik ben er nog moe van.' Ik maak een diepe buiging voor haar.

Een Saar snapt wat nodig is!

woensdag 11 mei 2022

KLOP MAAR OP DE ACHTERDEUR

 klop maar op de achterdeur

Twan is een lolbroek. Altijd al geweest. Hij is dol op geintjes uithalen en dat mag ook omgekeerd. Gearmd lopen we de achterdeur uit en maken we een ommetje naar voorkant van het huis. Voor iemand die slecht ter been is, is dat voldoende beweging. Aanbeland bij de voordeur duwt Twan tegen de dichte deur. Moi quasi lachend en verontwaardigd gezicht: 'Hé, eerst kloppen of er iemand thuis is. U kunt niet zomaar een huis binnenlopen.' Twan lacht in zijn vuistje: 'O ja, dat is onbeleefd hè.' Foei tikt hij zichzelf op de vingers. 

Het is al meer dan tachtig jaar de voordeur van zijn eigen huis maar it doesn't ring a bell. Moi: 'Klop maar goed hard.' Twan bonkt of zijn leven ervan afhangt op de deur maar vindt geen gehoor: 'Hoe kan dat nou? Net waren we nog thuis?' Ik grinnik en wijs naar het naambordje: 'Wiens naam staat daar?' Twan: 'Gossie, zo heet ik ook! Nah!' Ik noem voor hem bekende dingen die rondom ons te zien zijn.' Twan krabt zich eens goed achter de oren. Na enkele observerende minuten waarin ik zwijg om hem de tijd te gunnen om hem mentaal thuis te brengen, krijgt hij de slappe lach: 'Je hebt me erin geluisd, maar ik weet het. Hier ben ik geboren. Nu weet ik het weer: bij ons kwam niemand voorom, achterom stond altijd voor iedereen de deur open.' Het was de opmaat voor een gezellige middag waarin Twan blij onafgebroken over zijn fijne jeugd vertelde. Uiteraard met smeuïge en dik aangezette anekdotes waarom we smakelijk lachten. 
NB Klop maar op de achterdeur is een liedje van Kabaret Ivo de Wijs.

Een Saar snapt wat nodig is!

dinsdag 10 mei 2022

PLUK DE DAG

wildplukken

Naast de tuinderskast op het erf pluk ik boterbloemen voor Bregje. Het gaat om het gebaar. Ze straalt of het een duur boeket uit een luxe bloemenboetiek is. Samen kiezen we uit de muurkast waar de vazen en vaasjes op met kastpapier beklede planken staan hèt vaasje uit. Het wordt het snoezige Delftsblauwe. Zij: 'Van een tripje met de vrouwenbond naar het Westland.' Een Saar en een huisvrouw in een brandschone boerenkeuken waar de laatste update in de seventies moet zijn geweest. Ik schil de aardappelen met een messcherpe dunschiller. Bregje zit naast me op een houten caféstoel: 'Wat ben ik toch arm.' Ik houd geamuseerd de aardappelpan omhoog: 'U bent helemaal niet arm. U bent de mevrouw, ik het dienstmeisje.' Ze gruwt en rilt met haar schouders: 'Maar ik moet aardappels eten. Aardappels zijn voor armeluiskinderen.' Moi grinnikend: 'Vroeger misschien, maar een kilootje aardappels kost tegenwoordig een slordige vier gulden. Een gepeperd maaltje dus.' Ik stoot haar met mijn elleboog aan: 'U bent geen armeluiskind, u bent een luxe poppetje.' Ze is vol ongeloof, maar later eet ze haar vers gekookt middagmaal wel met de pink omhoog.

Een Saar snapt wat nodig is!

maandag 9 mei 2022

ZOMERSE BUI

klassiek regenkapje

Geertje is verzot op mijn lange lokken. Voor haar draag ik ze extra los. Op weg naar haar toe geraak ik in een onverwachte zomerse bui. Nood breekt wet: het klassieke regenkapje - een erfstuk - bedekt hoofd en haren. Geen gezicht anno 2022, maar de krullen blijven gespaard. Bij binnenkomst druipen mijn kleren. Ze reikt me een handdoek aan: 'Oh wat ben je nat. Regent het zo hard?' Moi: 'Het regent pijpenstelen.' Ik neem de handdoek aan, doe mijn jas en schoenen uit en het regenkapje af. Geertje geinig: 'Het regent geen pijpenstelen, maar pijpenkrullen.' Ze voelt opgelucht aan mijn haren: 'Gelukkig zijn ze gespaard gebleven.' 

Een Saar snapt wat nodig is!

BUSJE KOMT ZO

regiotaxi


Ank woont in haar kinderjaren. In de serre waar de sleetse klok de tijd wegtikt, sorteren we kraaltjes en accessoires om ooit sieraden te maken. Ank: 'Is het al half zes? Oho. Straks zwaait er wat. Ik had allang thuis moeten zijn. Als jij me brengt ben ik misschien nog op tijd voor de soep.' Ik pols in hoeverre ik mee moet gaan in haar beleving: 'Ik ben met de fiets en ik kan u niet in het kinderzitje zetten.' Volledig in haar eigen gedachten reageert ze erop met: 'Mama zal wel denken, waar blijft Ank.' 

Ank gaat in de lades die onder de grote tafel gemonteerd zijn, rommelen. Hardop spreekt ze haar gedachten uit: 'Pas. Waar is mijn pas? Geen pas.' Ik moet even schakelen. Dan gaat het lampje branden: Ank heeft een oplossing bedacht voor haar vervoerprobleem. Voorheen - toen ze nog zelfstandig op stap kon - nam ze geregeld de regiotaxi. 'Helaas' vindt ze haar verlopen pas. Helaas, want nu moet ik antwoorden dat de regiotaxi geen optie meer is. 

Ze lost het zelf op: 'Nu nog een telefoon.' Ze zucht: 'Geen telefoon. Heb jij een telefoon?' Ik schud begaan van nee. Ank gelaten: 'Hoe laat is het inmiddels?' Ik lieg acht uur.  Zij: 'Dan gaat het over. Dat is laat. Tijd voor koffie.' Moi: 'Zal ik een kopje koffie zetten?' Zij lief vragend: 'Wil je doen?' Even later babbelen we gezellig over van alles en nog wat met een dampende mok op tafel en een koekje in de hand.

Een Saar snapt wat nodig is!

donderdag 5 mei 2022

BEVRIJDINGSDAG, DE VLAG WAPPERT

 

Vrijheid is niet vanzelfsprekend. Vrijheid is het grootste goed en om die te behouden offeren zich ontelbare mensen op, zei pappi. Eenmaal per jaar waarderen we dat openlijk door te vlaggen. Na zijn overlijden heb ik letterlijk het stokje van hem overgenomen; er zat wel een houder tegen de muur, maar ik had geen vlaggenmast. De vlag wappert. Voor pappi en voor al die dappere mensen.

dinsdag 3 mei 2022

DODENHERDENKING

 

Vrijheid is niet vanzelfsprekend

Vandaag herdenken wij alle gesneuvelden die voor onze vrijheid vochten

Uit respect zijn wij om 20.00 uur twee minuten stil

maandag 2 mei 2022

GELUKKIG HEBBEN WE DE FOTO'S NOG

 

Het voelt als de dag van gisteren. Vandaag twee geleden stopte Pappi's hart ermee. Hij wordt gemist en de snoeperd is voor altijd in mijn hart💗