November. De temperaturen zijn nog niet eens herfstig en toch hebben we trek in winterkost. De andijvie met spekjes en gekookte en gebakken erpel worden stipt half een op tafel gezet. De schalen met oma's gehaktballen dobberend in jus volgen. De ballen van de keurslager zijn zo groot dat we ze in twee helften hebben gesneden. De eetlust van ouderen is minder groot en als je veel eten voor je hebt, zie je er extra tegenop om het bord leeg te eten. Want je bord leeg eten moet, zo ben je opgevoed. Vaak was het vroeger bij grote gezinnen gebruik om soep, middageten en pudding van een en hetzelfde bord te eten. Dat scheelde in de afwas en alles ging op, of je het nu lustte of niet. Je moest dus wel alles naar binnenwerken.
Bewoners hebben niets te vrezen, ze kunnen altijd een tweede of derde of ... pakken. Er is meer eten dan ze op kunnen. De nieuwe bewoonster Edith wordt voor een rebel aangezien wanneer ze twee gehalveerde ballen aan haar vork prikt. Haar buurvrouw attendeert haar er luid en duidelijk op dat ze twee gehaktballen neemt. Hoe onfatsoenlijk. Edith, een vleesliefhebber, verbaasd en naar waarheid: 'Maar twee halve is een hele.' Toons 'Leg neer die bal' verwacht ik, maar er wordt niet tegengesputterd. Integendeel haar tafelgenoten prikken ook de tweede helft erbij.
Project Papillon

