28 augustus 2026

SLAAP KINDJE SLAAP

De mannen van de technische dienst boren tijdens de siësta gaten in de muren voor de houten brievenbussen. Niet echt over nagedacht. De in haar studio duttende bewoonster komt tweemaal de gang op. Ze is geschrokken van het lawaai en wil weten wat er aan de hand is. De derde en laatste keer - alle brievenkastjes hangen - komt ze, lichtjes verward, naar me toe.  'Ik weet het even niet ' 'Wat wilt u weten?' 'Ja, kan ik hier blijven, ik voel me raar.' 'Het is fysiek', geeft ze aan. Samen gaan we dicht tegen elkaar geplakt op de bank zitten. Ik pak het handje dat het meest dichtbij is vast en streel haar vingertjes en kriebel in de kom van de hand. Stralende ogen en een lieve leuke lach, geeft ze me. Mooi. Zij vraagt dingen en ik vraag wat ze er zelf van vindt. Het stelt haar op haar gemak dat er iemand bij haar is.

'Ik denk dat u fijn aan het dromen was en dat u gestoord werd door de werkluuj. Daarom voelt u zich raar, de droom is nog niet klaar.' 'Zou je denken?' klinkt het hoopvol, terwijl ze naar de bank kijkt. 'Ik zou best even willen liggen, maar heb ik slaap genoeg?'  'Zal ik een slaapliedje voor u zingen?' 'Och du, is dat niet gek?' zegt ze. 'Kent u er een?' Ik herinner me alleen iets van een schaap.' Zij ligt ondertussen al horizontaal: twee kussens aan haar hoofd en twee aan haar voeten. Ik ben er gewoon en verwacht niets tot ze ineens 'Slaap kindje slaap' prevelt. Aha, daar is het schaap. Ik val in 'Slaap kindje slaap, daar buiten ligt ... zzzzzzzzzzzzzzz. Mevrouw is in dromenland gearriveerd.

Uit Project Papillon